GOSSE


Het is altijd weer prettig wanneer mij gevraagd wordt wie die vriendelijke man is die daar ietsjes gebogen bij de bar staat. Dan kan ik over hem vertellen. Dat hij een verschrikkelijk goede vleugelspeler was. Met een enorme snelheid. Dat hij vreselijk goed kon koppen. Dat wij zijn naam wel eens riepen en dat de scheidsrechter dan floot omdat er niet gevloekt mocht worden tijdens de wedstrijd. Dat hij met nog een paar leden de club gered heeft toen het niet zo goed ging. Dat vertel ik dan. En ik vertel nog veel meer.
En ik leg uit dat wij roodhuiden zijn. Dat wij de indianen zijn van deze jachtvelden. En dat hij, Oude Sluipvoet, het stamhoofd der stamhoofden is. De spirituele leider van Wartburgia, de beste kroeg van Amsterdam. En dat wij hem in ons midden hebben. In deze tent.
Ik heb gezegd. How!